Historie trekvaartstelsel - kort

J.H. Isings, ca. 1971
(schoolplaat)

 Opkomst van het trekvaartstelsel op het Hoogeland van Groningen. Een kort overzicht.

  • Rond 1660 startten de trekschuitdiensten tussen Warffum, Groningen en Uithuizen.
    De trekschuit (snik) was voorzien van een mast waaraan een jaaglijn werd bevestigd. Het schip werd getrokken door een trekpaard, begeleid door een snikjong, langs het jaagpad.
  • In de 17de en 18de eeuw werd het reizen per trekschuit steeds populairder, er kwamen steeds meer vaste diensten. De trekschuit ging niet snel, gemiddeld
    7 kilometer per uur.
  • In de 19de eeuw was er een uitgebreid netwerk van trekvaarten in de provincie Groningen, met de stad Groningen als middelpunt. Onderdendam was in het noordelijke deel van de provincie een belangrijk centrum van alle scheepvaartverkeer. De trekschuiten voeren volgens een strakke dienstregeling.
    De overheid zag streng op de organisatie toe door middel van ordonnanties.
  • Voor het trekvaartstelsel was nieuwe infrastructuur nodig, zoals onder meer trekvaarten, jaagpaden, rolpalen, tolhekken en tolhuizen, veerhuizen en snikstallen.
  • In de loop van de 19 de eeuw werden betere wegen aangelegd wat vervoer door paard en koets deed toenemen. De komst van de spoorwegen in Groningen, eind 19de eeuw, werd de doodsteek voor het trekvaartvervoer.

“Ervaar de trekvaarthistorie in Noord Groningen vanaf het water, op de fiets of te voet!”

nl_NL
en_GB nl_NL